Een online platform beginnen? 5 juridische tips.

Dus je hebt besloten om een online platform te beginnen? Misschien ben je van plan de nieuwe Airbnb te worden of heb je een andere ingenieuze wijze bedacht om vraag en aanbod nog efficiënter bij elkaar te brengen. Je gaat natuurlijk niet lukraak te werk. Ook jij weet namelijk heus wel dat er van de 100 platformen die er per dag worden gestart, maar een paar het levenslicht zullen zien. Dat er zoveel platforms mislukken, heeft o.a. te maken met de juridische blunders die er – keer op keer – weer worden gemaakt. Gelukkig kan jij natuurlijk van die fouten leren! In deze blog bespreek ik alvast 5 juridische aspecten waar je mee rekening moet houden, als je een online platform wilt beginnen. Lezen dus.

1. Juridische kwalificatie van jouw platform

Onder het mom van “een goed begin is ‘t halve werk”, is het cruciaal om eerst eens te bekijken wat voor juridische kwalificatie jouw platform toekomt. Is jouw platform een prikbord, een vorm van bemiddeling, agentuur, etc.? Of moet jouw platform eigenlijk als werkgever beschouwd worden in relatie tot, bijvoorbeeld, de zzp’ers die hun diensten via jouw platform kunnen aanbieden? Deze kwalificatie is relevant, omdat voor ieder van de genoemde varianten andere regels gelden. 

Zo mag je als bemiddelaar bijvoorbeeld niet ‘2 heren dienen ’. Dit betekent, kort gezegd, dat je als bemiddelend platform in beginsel niet mag werken voor zowel de aanbod als vraagzijde. Je zal dus moeten kiezen. Logischerwijs, mag je dan ook maar aan één partij een bemiddelingscommissie (i.e. een vergoeding) vragen. Op het moment dat je als bemiddelend platform dus zowel aan de aanbodzijde als aan de vraagzijde een vergoeding in rekening brengt, ben je verkeerd bezig. 

Alhoewel het het verbod op ‘2 heren dienen’ in feite best recht-toe-recht-aan is, gaat het in de praktijk toch veelvuldig fout. Dit is vaak het directe gevolg van een verkeerde juridische kwalificatie. Of nog erger: men heeft simpelweg nooit nagedacht over de juridische hoedanigheid van het platform. Wat er dan gebeurt is dat het platform, onterecht, van mening is dat er geen sprake is van bemiddeling en het verbod dus niet van toepassing is. Zo bracht Airbnb bemiddelingskosten in rekening bij zowel de huurder als verhuurder. In een procedure kwam de rechtbank tot de beslissing dat deze zogeheten tweezijdige bemiddeling in strijd is met de wet. Airbnb mag dus nog maar aan 1 partij een vergoeding vragen. 

Goed, voordat je dus überhaupt gaat nadenken over verdienmodellen, commissies, enzovoorts, is het key om eerst eens met een jurist om de tafel te gaan zitten. Zonder juridische kwalificatie tast je namelijk volledig in het duister over wat de toekomst gaat brengen. Het zal je maar je gebeuren dat je een heel verdienmodel hebt opgezet en dit verdienmodel helemaal niet blijkt te mogen omdat je als bemiddelend platform wordt aangemerkt. Zonde!

2. ‘Achter jouw rug om’ voorkomen

Als online platform breng je vraag en aanbod bij elkaar. Daar wil je natuurlijk wel iets voor terug. Je hebt immers behoorlijk geïnvesteerd in de ontwikkeling van het platform (software developers zijn vaak peperduur) en doet ook je uiterste best om de kwaliteit op het platform hoog te houden. Daarom vraag je aan de vraagzijde (huiseigenaren, bijvoorbeeld) een eenmalige vergoeding, wanneer deze een overeenkomst sluiten met de aanbodzijde (schoonmakers, bijvoorbeeld). 

Maar, wat belet de schoonmakers en huiseigenaren eigenlijk om – nadat ze elkaar via jouw platform hebben gevonden – rechtstreeks zaken te doen? In dat geval kan je wel fluiten naar je vergoeding en dat is, lijkt mij, toch niet je bedoeling. Het zou natuurlijk het mooist zijn als de schoonmakers en huiseigenaren ook nadat ze elkaar hebben gevonden, een reden hebben om op jouw platform te blijven. Jouw platform brengt dan niet louter vraag en aanbod bij elkaar, maar biedt nog net even dat extra stukje toegevoegde waarde waardoor vraag- en aanbod een incentive hebben om jouw platform te (blijven) gebruiken. Daarmee ondervang je mooi het ‘achter jouw rug om-probleem’.

Er bestaat tegelijkertijd ook een juridische oplossing die het proberen waard is. Door namelijk af te spreken met de vraag- en aanbodzijde dat ze niet om jou als platform heen mogen (en daar een boete aan te verbinden), zorg je er ook op papier voor dat het ‘achter jouw rug om-probleem’ geminimaliseerd wordt. Omdat het in de praktijk echter lastig is om daadwerkelijk te controleren in hoeverre vraag-en aanbodzijde zich aan deze afspraak houden, is het aan te raden om je niet blind te staren op het juridisch afdekken van het probleem, maar naar een oplossing te zoeken die ook in de praktijk werkt.

3. Kwaliteit op platform waarborgen

Hoe onderscheid je jouw platform van dat van anderen? Nou, door in ieder geval de kwaliteit op jouw platform te waarborgen. Dan weet je (hopelijk) zeker dat klanten weer terugkomen. Op welke manieren je de kwaliteit van jouw platform het best kan waarborgen, hangt uiteraard af van het type platform dat je aanbiedt. Een review-systeem mag sowieso niet ontbreken, maar je kan er tegelijkertijd ook voor kiezen om servicenormen te hanteren waaraan jouw aanbodzijde (verkopers van producten bijvoorbeeld) moet voldoen als ze op jouw platform willen (blijven) staan. Kijk ter inspiratie eens naar de servicenormen van Bol.com bijvoorbeeld. 

Goed, je wilt natuurlijk wel van een aanbieder die de kwaliteit drastisch omlaag haalt, af kunnen. Spreek dan ook af dat je een aanbieder van het platform mag verwijderen als hij de servicenormen niet haalt. Let wel, uit de Platform-2-Business-Verordening (zie punt 5) vloeit voort dat je jouw aanbieders hierover moet informeren. 

Als jouw aanbieder (de schoonmaker) er een potje van heeft gemaakt, zou het misschien toch ook fijn zijn als je daar als platform direct tegen kan optreden. Het probleem is alleen dat jij als platform in principe niets te maken hebt met wat de schoonmaker (aanbod) bij de huiseigenaar (vraag) allemaal uitspookt. Vraag en aanbod zijn met elkaar een overeenkomst aangegaan tot het verrichten van schoonmaakwerkzaamheden, niet met jou.

Kan je dan helemaal niets ondernemen tegen de schoonmaker? Je raadt het misschien al: de soep wordt gelukkig niet zo heet gegeten als zij wordt opgediend. Het is een beetje een insider-juristen-trucje, maar het kan voor dit soort situaties lonen om een derdenbeding op te nemen. Een derdenbeding is een bepaling (‘een beding’) in een overeenkomst waarop een derde (jij als platform) die geen partij is bij de overeenkomst (de overeenkomst tussen schoonmaker en huiseigenaar), beroep kan doen. In andere woorden, zo’n derdenbeding zorgt ervoor dat jij als platform toch actie kan ondernemen tegen de schoonmaker. Wel zo prettig.

4. Vergunning Nederlandsche Bank nodig?

Het wordt nog wel eens vergeten (en dat is een understatement) maar als jij als platform per ongeluk betaaldiensten aanbiedt, geldt als uitgangspunt dat je een vergunning van De Nederlandsche Bank nodig hebt. En eerlijk is eerlijk: het aanvragen van een dergelijke vergunning is niet zo 1, 2, 3 gebeurd. Nu hoor ik je al denken: “maar ik verricht toch helemaal geen betaaldiensten? Ik ben toch geen bank aan het spelen?” Helaas ligt het allemaal ietsjes complexer.

Stel je eens voor dat je een online platform hebt dat consumenten en verkopers van vintage kleding bij elkaar brengt. Wil de consument een mooie 70s broek aanschaffen? Mooi! Dan (i) maakt de consument het bedrag voor de broek over op jouw ‘platform-rekening’, (ii) trek jij als platform even x% van de verkoopprijs af als bemiddelingscommissie, en (iii) stort je vervolgens het resterende bedrag op de betaalrekening van de verkoper. Alhoewel er met het bovenstaande verdienmodel niets mis is, zal het model in beginsel onderworpen zijn aan een vergunningsplicht. Dat betekent, kort gezegd, dat je zonder een vergunning van De Nederlandsche Bank dit verdienmodel niet mag hanteren. Je kan je er natuurlijk niets van aantrekken, maar dan is het belangrijk om te weten dat het niet naleven van de vergunningplicht een strafbaar feit oplevert (‘oeps’). 

Let wel, er zijn een aantal uitzonderingen op de vergunningplicht. Misschien valt jouw platform daar wel onder. Het loont in ieder geval altijd om een jurist in te schakelen die eens met je meekijkt. Het is best complexe materie, en het zou zonde zijn als jouw platform al ten dode is opgeschreven voordat je überhaupt bent begonnen.  

5. Platform-2-Business verordening

Sinds 12 juli 2020 in de platform-to-business verordening van kracht. Deze verordening heeft als doel de belangen van ondernemers (‘aanbieders’) die zijn producten of diensten op het online platform aanbieden, te beschermen. Zo moet je als online platform ervoor zorgen dat jouw algemene voorwaarden in duidelijke en begrijpelijke taal zijn opgesteld. Maar er zijn nog best wat extra regels waar je mee rekening dient te houden. Je moet bijvoorbeeld ook duidelijk aangegeven onder welke omstandigheden een zakelijke aanbieder van jouw platform kan worden geschorst, dan wel verwijderd. Doe je dit niet? Dan zijn jouw algemene voorwaarden (of een specifiek beding) nietig. Dat is een hele stevig sanctie, met verstrekkende gevolgen. Belangrijk om het dan ook niet zover te laten komen.

In deze blog kan je meer lezen over de verordening en de regels waar je als online platform rekening mee dient te houden.

Platform beginnen? Neem contact met ons op.

Iedereen kan een platform starten, maar er zijn maar een paar ondernemers die het ook daadwerkelijk lukt om hun platform tot een succes te maken. Er even vanuit gaande dat je bij die ‘paar’ wilt horen, is het essentieel om jouw platform ook juridisch goed in te richten. Hierbij geldt namelijk: voorkomen is goedkoper dan genezen.

Onze juristen hebben al meerdere internetplatformen mogen helpen bij het neerzetten van een stevig juridisch fundament. Neem dan ook vooral vrijblijvend contact met ons op als je onze hulp kan gebruiken, of boek direct een adviesgesprek om eens te sparren met een jurist over jouw idee voor een online platform.

Scroll naar top

Waar kunnen we bij helpen?